Romaanse en Gotische Madonna’s

De frontaal zittende madonna met kind op schoot is wellicht het meest karakteristieke beeldtype van de Romaanse periode. De afbeelding van Maria als ‘Sedes sapientiae’ en de ermee gepaard gaande omzetting van het dogma van de menswording verandert slechts langzaam tot tegen 1200 de starheid van de compositie langzaam plaats maakt voor de uitdrukking van tedere gevoelens tussen moeder en kind. Deze beelden waren en zijn onderwerp van grote verering: zij golden als middelaars tussen hemel en aarde en werden tot wonderen in staat geacht. Dit beeld kon op een altaar staan, en werd zelfs rondgedragen in processies.

In de gotiek verschijnt Moeder Maria met het Jezuskind op de arm in een intieme sierlijke houding en verenigde in zich alle emoties en wensen van de hoofse liefde. De stilistische ontwikkeling van de Maria-sculptuur bewoog in de loop van de 14de eeuw continu in de richting van de zogenaamde ‘Schone Madonna’s’. Steeds sterker werd de heuppartij aangegeven en werd de kleding suggestiever en meer gekunsteld vormgegeven.

Meerdere duizenden Madonna’s met kind zijn behouden gebleven en de grote rijkdom in variatie is indrukwekkend. Zittend of staand, gekroond of met sluier, koningin, moeder of prinses, ze is niet alleen meer de moeder van God of als middelaarster, nu moest ze veelmeer verschillende vrouwelijke rollen recht doen en was ze vooral zichzelf: de troon van de wijsheid, koningin van de hemel inclusief moeder en vrouw. Zeer vrouwelijk neemt ze haar moederrol op zich.

© George Duby en Jean-Luc Daval

Wil Tiemes: Waarom mijn favorieten?

De oudste Maria met Kind in het Rijksmuseum is net zo gemakkelijk in te passen in de geschiedenis van de beeldhouwkunst als in de meubelgeschiedenis. Zelfs dan is het niet zo verwonderlijk dat de Romaanse Mariabeelden bijnamen of zelfstandige namen krijgen en onderwerp van grote verering worden. Het houdt wellicht verband met de grotere aandacht voor menselijke gevoelens die zich in de loop der tijd ontwikkelt. Wat hebben zij allemaal in de loop der eeuwen niet te horen gekregen.

Daarnaast zijn er ook nog vele andere pareltjes: 

In Autun bijvoorbeeld, in de kathedraal Saint Lazare (1120-1130). In de kapittelzaal, op een kapiteel van het koor, wordt een beeld van de vlucht naar Egypte geschetst door Gislebertus waarbij Jozef hijgend en met een zwaard over zijn schouder de ezel leidt terwijl Maria en kind elkaar vasthouden. En door dezelfde Gislebertus is in dezelfde kerk naïviteit zo ontroerend weergegeven als met de verkondiging aan de Wijzen. Het was in de ME vast niet vreemd dat de drie wijzen samen een bed deelden. Deze kapiteel brengt op een briljante manier een boodschap over met een eenvoudige compositie. De drie koningen of wijzen zijn slapend afgebeeld. Ze zijn te identificeren aan de hand van hun aantal en hun kronen. In hun slaap zien ze in een visioen een engel van wie alleen het bovenlijf zichtbaar is, de rest is verborgen achter de deken vd Wijzen. De engel gebaart naar de wijzen en naar de ster boven hen.

Of hele mooie profane beelden, zoals van onze ‘eigen’ Nicolaus Geraert van Leyden, die een prachtig vrouwenhoofd maakte, de zogenaamde Barbel van Ottenheim, voor het portaal van de Alte Kanzlei Straatsburg (1463-1464). Ook al zo’n opmerkzame blik.

Meer lezen

  • Georges Duby en Jean-Luc Daval: Skulptur, 2006


Plaatjes volgen